“Wie Van De Drie leek soms wel een kruisverhoor!”

Categories Interview

Deze week ligt de nieuwe TrosKompas in de schappen, met daarin een interview dat ik had met Ron Brandsteder en Herman Emmink over het ‘fenomeen’ Wie Van De Drie. Emmink presenteerde het populaire spelletje 11 jaar achtereen in de jaren ’70 en begin jaren ’80. Brandsteder blaast het vanaf 16 december nieuw leven in bij Omroep MAX. In het sfeervolle huis van de inmiddels 83-jarige Herman Emmink werden herinneringen opgehaald, tips gegeven en moppen getapt. Die moppen hebben het artikel niet gehaald, de rest wel.

Ron Brandsteder ontmoet Herman Emmink
“Als presentator op de kijkersstoel”

Het populaire spelletje Wie Van De Drie keert vanaf deze week acht maal terug op televisie, bij Omroep MAX. Ron Brandsteder presenteert deze nieuwe reeks. Voor TrosKompas ging Brandsteder op bezoek bij de legendarische Herman Emmink, die Wie Van De Drie tussen 1971 en 1982 presenteerde.

EKNL-WieVanDeDrie3
Wie Van De Drie in TrosKompas

“Ik zeg altijd maar zo, ik word nog zo’n drie keer per jaar ergens voor opgraven en verder ben ik voor tv-land eigenlijk al overleden”, zo lacht de inmiddels 83-jarige Emmink terwijl hij zijn bezoek met taart en koffie ontvangt. Zijn warme stemgeluid blijft zelfs op hoge leeftijd uit duizenden herkenbaar. “Het gaat vrijwel altijd over Wie Van De Drie of over Tulpen uit Amsterdam. Alsof dat de enige dingen zijn die ik in mijn leven heb gedaan. Och, ik ben allang blij dat ik het leven nog heb. Meer dan drie keer per jaar hou ik ook niet vol, ha!” Waarna hij jolig de armen in de lucht gooit. “Welkom allemaal!” Het huis van Herman Emmink oogt als een klein omroepmuseum. Aan de buitengevel hangt de lichtbak van voormalig treinstation Hilversum NOS, binnen staan – naast vele persoonlijke spullen – diverse televisieonderscheidingen uitgestald en zijn speciaal voor Emmink gemaakte kunstwerkjes te zien, waar onder een bronzen beeldje rond Wie Van De Drie, waarbij Emmink op alledrie de stoelen zit. Ron Brandsteder kijkt zijn ogen uit. “Wat een fantastische plek!”

Kleitafeltje
De Hilversumse woning van Emmink brengt bij Ron Brandsteder direct herinneringen met zich mee. “In het park hier recht tegenover heb ik in 1968 mijn allereerste echte televisieopname gehad. Ik zat destijds in een cabaretgroepje dat een liedje had gemaakt; ‘Oh Bussum, parel van het Gooi’. Wim Ibo haalde ons in zijn programma Cabaretaria in 1968. In het park hier recht tegenover werd dat gefilmd. Daarvoor ben ik nog één keer eerder als figurant op televisie geweest. Ik was negen jaar oud en moest een dood joods slaafje spelen in een televisiespel. Robert de Vries speelde daarin Mozes en moest mij op een kleitafeltje gooien met de vraag aan de farao of hij er een gewoonte van maakte om slaafjes zo te behandelen.” Emmink knikt. “Robert de Vries was een beer van een vent!” Brandsteder: “Ik was het meest van de camera’s onder de indruk. Ik heb sindsdien altijd een tik van televisie gehad. Wie Van De Drie behoort tot de eerste tv-herinneringen die ik heb en was al legendarisch toen ik in 1968 zelf mijn tv-debuut maakte. Toen nog met Nand Baert en later Pim Jacobs als presentator.”

Rillen op een stoeltje
Herman Emmink nam in 1971 het stokje van Jacobs over, maar kan zich niet herinneren dat hij ooit een van diens afleveringen te hebben gezien. “Er zijn ook helemaal geen afleveringen met hem bewaard gebleven. Ook van mezelf is nog maar heel weinig te vinden. Terwijl veel afleveringen van het programma wel nog steeds bij heel veel mensen volledig in hun hoofd zitten. Wonderbaarlijk.” Emmink weet zich nog te herinneren dat toen hij Wie Van De Drie deed, ze daar het hele land mee afreisden. “Middelgrote theaters van Bussum tot Leiden en van Drachten tot Groningen, we hebben ze allemaal gezien. Zelf wilde ik nooit weten wie van de kandidaten ‘echt’ was, waardoor ik net zo nieuwsgierig was als het panel.” Ron Brandsteder: “Dat heb ik ook. Ik zou zelf ook af en toe een vraag tussendoor willen stellen en dat is denk ik goed voor het programma. Je zit als presentator op de stoel van de kijker.” Emmink: “Oh, wat waren de kandidaten ook altijd zenuwachtig. Tegenwoordig is iedereen wel eens op televisie geweest, maar toen was toen nog heel wat. De zenuwen werden erger als het panel hen het vuur aan de schenen legde. Het leek soms wel een kruisverhoor!” Ron Brandsteder: “Daar is helemaal niks aan veranderd. Zeker Arjan Ederveen met zijn priemende ogen maakt het de kandidaten niet makkelijk. Dan zegt hij ‘dat zegt u nu wel meneer 1, maar…’ en dan zie je meneer 1 rillen in zijn stoeltje, ha ha ha!”

Internet
De kandidaten zijn volgens Brandsteder misschien wel moeilijker te ontmaskeren dan vroeger. “Dankzij het internet, kunnen ze nu heel veel afweten van het onderwerp waarover ze ondervraagd worden. Daar zijn ze heel gedreven in. Alsof ze voor een overhoring op school hebben geleerd. Zo hebben we drie kandidaten waarvan er eentje verkeersleider op een vliegveld is. De andere twee hebben online zo vreselijk veel informatie vergaard over dat beroep, dat ze bijna net zo veel wisten als de echte verkeersleider.” Emmink: “Bij ons was dat soort informatie soms wat minder voorhanden en je merkte dat ze dan gingen improviseren en elkaar steunden door hetzelfde te zeggen. We hadden ooit drie mannen die beurtschipper tussen Schiermonnikoog en het vaste land waren. Vroeg Albert Mol om iets te vertellen over Schiermonnikoog, kreeg hij van alledrie alleen als antwoord ‘het is een eiland’!”
EKNL-WieVanDeDrie2
De groenten van…
Ron Brandsteder snapt wel dat bij het Nederlands publiek juist de periode met Emmink het beste is bij gebleven. “Je bijna terloopse manier van presenteren paste enorm goed.” Emmink: “Dat heb ik vaker gehoord. Maar vergeet niet dat ook het panel voor een heel groot deel heeft bijgedragen aan het succes. Sonja Barend, Kees Brusse, Martine Bijl en Albert Mol waren een mooi team . Allemaal bloedfanatiek.” Brandsteder: “Dat is het panel van nu weer!” Emmink veert enthousiast op. “Wie zijn het nog meer behalve Arjan Ederveen?” Erica Terpstra, Jamai Loman en André van Duin en Anita Witzier zijn ieder twee keer te gast, zo vertelt Brandsteder. Emmink gooit zijn armen in de lucht van enthousiasme. “Leuk, leuk!” Waarna Ron vertelt dat de 2010 editie van Wie Van De Drie verder Ederveen en Ernst Daniël Smid als vaste panelleden heeft, evenals oudgediende Martine Bijl. “Het programma is verder in vrijwel alles hetzelfde gebleven. Je moet een sterk concept niet willen verbeteren. Van de tune, het gesproken intro van de kandidaten en de snerpende zoemer tot aan de houten bordjes die het panel gebruikt, alles is hetzelfde. Voor ons was het dus heel belangrijk om ook nog een ‘origineel’ panellid te hebben. Martine Bijl had in de jaren ’90 al een aantal keer ‘nee’ gezegd tegen nieuwe versies van het programma. Ik ben daarom persoonlijk naar haar toe gegaan, op de fiets. Bosje bloemen onder de snelbinders…” Herman Emmink giert het uit. “Echt?” Brandsteder: “Jazeker, maar het was niet zo heel ver fietsen hoor. Ik kom daar aan, haar man Berend Boudewijn doet open. Blijkt Martine net met onderhandelingen bezig voor haar reclamewerkzaamheden. Dus ik zei ‘doe haar maar de groenten’ en heb het bosje bloemen voor haar achtergelaten. Enige tijd later was ze aan boord en daar zijn we heel erg blij mee.”

Sjoemelen
Herman Emmink is er trots op dat het programma waar hij elf jaar aan heeft gewerkt nu weer terugkomt. “Ik ga zeker elke aflevering kijken. Ik denk dat Ron de uitgelezen presentator is om het te doen. Hij deed altijd van die grote shows, dan moet dit een makkie voor hem zijn.” Brandsteder: “Nou, vergis je niet. Toen ik voor het eerst de Showbizzquiz moest doen, stierf ik bovenaan die showtrap bijna van de zenuwen. Maar later merk je dat zo’n groot programma ook uit zichzelf wel voortdendert. Een klein programma als Wie Van De Drie is veel intiemer. Ook al ziet het er makkelijk uit, het is moeilijker om te doen. Zeker omdat je als presentator dus ook flink moet improviseren.” Emmink is het daar mee eens. “Je moet het panel in toom houden, wat niet makkelijk is als daar vier uitgesproken karakters zitten.” Brandsteder: “Ik zei dat ik onverbiddelijk zou zijn als de zoemer zou gaan. Waarna Martine bij de eerste aflevering al zei: ‘Nou met Herman was soms nog wat te sjoemelen’.” Emmink: “Nou… Ik liet hen na de zoemer soms nog wel hun zin afmaken. Meer niet! Met de spelleider moet je niet sollen, ha ha ha!”

[Dit artikel is oorspronkelijk gepubliceerd in editie #50, 2010 van TrosKompas | foto’s © William Rutten]

Edgar Kruize is freelance tekstschrijver en journalist. Gespecialiseerd in (live) entertainment, muziek en film en daarnaast in teksten voor de zorgsector.

1 thought on ““Wie Van De Drie leek soms wel een kruisverhoor!”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *