Joling en Kuhr in de ban van Bach

Categories Interview

Deze week verschijnt de TrosKompas waarvoor ik onlangs Gerard Joling en Lenny Kuhr interviewde. Een mooi gesprek over hun leven, hun geloof en over de Matthaüs Passion die ze momenteel onder de knie proberen te krijgen.

IN DE BAN VAN BACH

Lenny Kuhr en Gerard Joling doen mee aan de 2012 editie van Mattheüs Masterclass, het EO-programma waarin artiesten van divers pluimage zich aan delen van Bachs Matthaüs Passion wagen. Beiden zijn hevig onder de indruk van het stuk en de betekenis er achter.

“Ik zou nooit een uitvoering van de Matthäus Passion bijwonen. Vier uur lang, voor mij te zware kost. Ik word er soms een beetje akelig van.” Gerard Joling is eerlijk. Maar dat betekent niet dat hij niets met Bachs muzikale paasvertelling over Jezus’ lijden heeft. “Het is prachtig om selecties te beluisteren en dan vooral de manier waarop er wordt gezongen. Het zit zo goed in elkaar, het is zo moeilijk. Voor mij is het heerlijk om door de masterclass eens vanuit een ander soort energie te werken, waarbij de nadruk volledig op mijn stem ligt en niet op glitters, veren en vuurwerk.” Vuurwerk en glitters hebben nooit bij Lenny Kuhr gehoord. Zij weet al jaren met slechts haar stem en gitaarspel haar luisteraars te bereiken. Voor haar is de Matthaüs Passion ook een uitdaging. “In tegenstelling tot klassiek geschoolde zangers die met hun stem alle kanten op kunnen, moet ik werken met muziek die binnen mijn eigen toonsoort valt. Als zangeres heb ik nooit – zoals Gerard wel heeft gedaan – mijn kopstem gecultiveerd, dat deed men in ‘mijn tijd’ niet. Het stuk stelt me in staat mijn patronen te doorbreken. Niet gevangen te blijven zitten in een muzikale hoek. Voortdurend bereid zijn jezelf te veranderen, is voor mij erg belangrijk.”

Glitters
Gerard Joling beseft terdege dat hij zichzelf als artiest de laatste jaren door repertoirekeuze en extravagante optredens wel in een positie heeft gewerkt waar hij maar lastig uit komt. “Dat hysterische imago is er langzaam in geslopen. Ik klaag er niet over, ik maak er natuurlijk ook dankbaar gebruik van. Van kinderen die mijn singles hebben gekocht, krijg ik brieven die helemaal volgeplakt zijn met glitters. Mensen vinden dat het bij me hoort, ook al loop ik er het overgrote deel van de tijd niet zo bij. Groots uitpakken, het hele showbizz gebeuren, dat vind ik ook oprecht heel leuk. Maar op mijn laatste drie cd’s staan ook ongekend mooie ballads, die we niet als single uit durven te brengen omdat we bang zijn dat mensen het niet ‘pikken’ van me. Dat is wel een kleine frustratie, omdat het echte talent – de stem – is ondergesneeuwd door alle poeha er omheen.” Lenny Kuhr snapt de situatie van Gerard en is blij dat ze zelf ondanks grote hits als De Troubadour en Visite altijd haar eigen pad heeft gevolgd. “Een hit is fantastisch en brengt een artiest enorm veel. Maar het kan op termijn ook in je nadeel werken omdat die hit je op een bepaalde manier profileert. Voor je er erg in hebt vindt het publiek dat jij die hit ‘bent’. Het kan jaren duren voor je er daar los van kan komen.”

TrosKompas201210Janken van de pijn
Lenny Kuhr is een spiritueel mens. Vanuit de inzichten van de Kabbalah erkent ze alle aspecten en karakters die een mens in zich heeft en is ze iemand die voortdurend haar eigen intenties evalueert en corrigeert. “De Matthäus Passion zie ik hierdoor als een prachtig compleet verhaal. Zowel harmonieus als tekstueel omvat het alles wat een mens zijn menselijkheid geeft. ‘Boete en rouw’, zo zing ik, ‘doorklieven het menselijk hart’. Een prachtig omschreven waarheid. Als je echt ergens verdriet om hebt… Echt spijt, dan kan je wel janken van de pijn die dat je hart doet. Binnen het Kabbalisme is God een abstract principe, een creatieve energie. Ieder mens is zowel een verrader als een God, het zit allemaal in ons en dat zit ook allemaal in de Matthäus Passion verwerkt.” Gerard knikt en vertelt dat hij die diepte ook wel voelt, maar op plaatsen wel moeite heeft met het zichzelf herkennen in de tekst die hij moet zingen. “Ik zit in een behoorlijk ‘zondeblok’, waarin ik berouw moet tonen aan Jezus, buigen voor Jezus, boeten voor mijn zonde. Daar herken ik mezelf niet zo heel erg in, al ben ik heel religieus opgevoed. Ik kom uit een heel gereformeerd gezin. Mijn broer is predikant. Ik moet zeggen dat ik vanuit die opvoeding en mijn eigen ouder worden wel snap waarom er wereldwijd zo veel frictie is tussen verschillende geloven. Het wordt je als kind als ‘de waarheid’ ingeprent en de rest van je leven wil je gewoon dat het beeld dat je mee hebt gekregen klopt. Anderen hebben vanuit hun jeugd andere interpretaties ingeprent gekregen. En allemaal wil je dat jouw eigen waarheid de enige is. Daar kan alleen maar ruzie uit komen en dat is zo jammer.”

Transformeren

“Het gaat om besef dat je als mens in staat bent te veranderen, te groeien. Groei is het steeds weer aanpassen van de denkbeelden die je zelf hebt, hierdoor transformeer je als mens”, zo stelt Lenny. “Het gevoel van ‘wow, er is veel meer dan we ooit zullen bevatten’ komt dan bijna als vanzelf omdat jet dan steeds vaker ook daadwerkelijk ervaart of voelt.” Gerard: “Ik denk er vaak over na. Er komt een moment, dan ga ik dood, gaat mijn lichaam de grond of de crematieoven in en mijn ziel gaat… Tsja, waarheen eigenlijk? Ik zat van de week in een vliegtuig, keek naar de hemel en bedacht me hoe veel mensen er al zijn overleden. Al die zielen moeten ‘ergens’ zijn. Hoe ziet dat er uit? Kom ik mijn overleden vader daar tegen? Het gaat ons zo ver te boven, maar toch voel je ineens af en toe dat je deel bent van iets hogers.” Lenny en Gerard zijn het er beiden over eens dat ze als muzikant dat hogere soms tastbaar kunnen maken, of in ieder geval voelbaar vanaf het podium. “Soms sta je met meerdere muzikanten in perfecte harmonie, volledig vrij van ego te spelen”, zo vertelt Lenny. “Opeens klopt dan alles, muzikanten en publiek worden een, je stijgt boven jezelf uit. Dat is de magie van muziek.” Gerard herkent het. “Dan gaan je nekharen uit het niets overeind en voelt alles heel even perfect. Ik ken dat.”

Hart en hoofd
Binnen het moeilijke muziekstuk dat ‘Mattäus passion’ heet, hebben beiden dat bijzondere punt nog niet bereikt. Gerard: “Omdat het als buitenstaander nog heel moeilijk is om het volledig aan te voelen. Normaal gesproken weet ik in de liedjes die ik zing na welke toon ik in moet vallen. Binnen de Matthaüs Passion valt de muziek soms helemaal weg en dan moet je zelf beginnen met zingen. Dat is heel eng.” Lenny: “Het is een muziekstuk dat je heel serieus moet nemen. Zo veel kleine details mag je niet over het hoofd zien. Maar behalve met het hoofd, moet je het ook met je hart brengen. Plezier houden in het muziek maken om de uitvoering bezieling mee te geven.” Gerard: “Ondanks dat het zowel tekstueel als technisch heel zware kost voor me is en mijn partijen voor klassiek geschoolde zangers waarschijnlijk en lachertje zijn, geniet ik enorm van dit project. We zijn met zijn allen echt iets heel bijzonders aan het doen en ik ben blij dat ik daar deel van uit mag maken.”

[Dit artikel is oorspronkelijk gepubliceerd in editie #10, 2012 van TrosKompas]

Edgar Kruize is freelance tekstschrijver en journalist. Gespecialiseerd in (live) entertainment, muziek en film en daarnaast in teksten voor de zorgsector.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *